7 schrijftips voor meer inspiratie!

Daar zit je dan. Naar dat witte vel te staren. In je notitieboek te droodelen of op je computer, met de cursor knipperend. Kan het meer cliché? Welnee, iedere schrijver heeft er mee te maken, ik heb er inmiddels genoeg mogen interviewen om dat te weten. En ik vraag het ook altijd: hoe kom jij nou in die flow, waar haal jij je inspiratie vandaan?

Of het nu Simone van der Vlucht is, Inge Iepenburg, Isa Marron, Sophie Hannah of Susan Smit, ze moeten zich iedere keer weer motiveren. En iedere keer krijg ik verschillende antwoorden en heb er inmiddels een studie van gemaakt hoe je begint, vasthoudt en dóórgaat. Met lichte weerstand, want niemand heeft ooit gezegd dat het alleen maar leuk is en geen stijging zonder tegenwind. Inmiddels heb ik een mindset ontwikkeld dat ik niet meer moet zeuren maar schrijven, ook al is het in een rumoerige kamer, treinstation, wachtkamer of vakantie. Want natuurlijk willen we allemaal zoals Heleen van Rooijen lekker in Portugal of Saskia Noort in Ibiza alleen maar schrijven maar de realiteit is nu eenmaal niet zo. (Bespeur ik hier enige vorm van jaloezie? Jawel, zeker, absoluut, ik geef het toe.)

Dus, hier wat tips om te schrijven en in de flow te komen zodat je er veel plezier aan beleeft (en dat ik misschien ooit die bestseller schrijf zodat ik, jawel, toch ook op dat strand in St Tropez dat boek kan schrijven) Ik geef je zeven tips zodat je in de flow komt en aan het einde nog een mooie tip van schrijfster Sophie Hannah, Engelands best selling crime scène schrijfster die ik vorige week mocht interviewen bij het Algemeen Dagblad, uitgeverij The House of Books. Er zit niets anders op: schrijven kreng!

 

1. Schrijf een echt verhaal.

De waarheid is vaak vreemder dan fictie. Hoe vaak hoor je niet om je heen: het lijkt wel een soapserie of daar moet je een boek over schrijven? Tuurlijk, je kunt niet precies het verhaal van je beste vriendin opschrijven, maar wel een verhaal gebaseerd op het verhaal van je jeugdvriendinnetje dat naar Amerika verhuisde bijvoorbeeld. Of je klasgenootje dat later prinses werd (Heus! is bij ons echt gebeurd!) Of een klasgenootje die haar vader in een criminele organisatie zat en geld bijdrukte. (Ook heus echt gebeurd, vraag het maar na!) Waar het om gaat is dat je een mooi verhaal maakt dat gebaseerd is op een ‘true story’ dat je op leukt met je rijkelijke fantasie. Mijn eerste boek Beau Rivage is bijvoorbeeld voor een deel gebaseerd op mijn jeugd en aangevuld met heel veel fantasie. En mijn tweede boek Facade was weer gebaseerd op mijn vriendschap met mijn twee beste vriendinnen en – jawel ook weer aangevuld met heeeeeel veel fantasie.

Vragen:

  • Welk gek figuur uit je jeugd is jou altijd bijgebleven?
  • kun je nog een bijzonder verhaal uit je jeugd herinneren? En kun je er misschien achterkomen wat daarvoor of daarna is gebeurd met feiten en aanvullen met fantasie? Kan ook een verhaal zijn uit de krant of iets dat grote indruk op je heeft gemaakt.

2. Tijd reizen

Ja je leest het goed. Je hebt nu de ‘luxe’ om vanaf je stoel naar Noorwegen, Mount Everest en Sri Lanka of een luxe resort op Bali te reizen zonder dat je er ooit geweest bent. Dank God of in Google’s geval mijnheer Larry Page dat je met Google Map heerlijk driedimensionaal kunt rondstruinen. Maar je kunt ook via uitzending gemist of youtube filmpjes heerlijke reizen maken, de jungle in  Costa Rica en kijken wat voor kleur de bomen precies in Suriname hebben. Maar ook aan je vrienden en kennissen kun je hun exacte reisverhalen vragen.

 

  • Wie is er reislustig in je vrienden/kennsissenkring en is op een bijzondere plek geweest?
  • In wat precies zou je daar ook wel eens willen duiken? En waarom?
  • Wat zou je kunnen verrassen op deze lokatie? Is er iets mysterieus? Google en ontdek!

3. Bezoek eens een verlaten plek en laat je fantasie opspelen.

Wijk eens af van het platgetreden pad en ga eens naar een verlaten loods, een vervallen bunker of een achteraf steegje waar gedeald wordt/werd. De wereld is vol mooie, verlaten plekken die direct spanning oproepen. En als je het niet weet, ga dan eens naar de website Bored Panda ter inspiratie!

  • Hoe zagen deze plekken eruit voordat ze verlaten en eng oogden?
  • Waarom is het precies zo’n gruwelijke plek geworden?
  • Hoe zou jij het in je boek kunnen gebruiken?

4. Doe eens gek.

Science fiction en fantasie verhalen zijn natuurlijk weergaloos en stijgen boven alle bedenkbare situaties uit. Inspireer jezelf en vraag je af wat er zou gebeuren als er geen zwaartekracht meer is, als je kleurenblind bent, als er grote chaos is, geen licht of water meer is.

  • Ervaart iedereen hetzelfde of alleen een persoon? Is dat jouw hoofdpersoon?
  • Welke doelen zou zo iemand stellen in een wereld die anders is?

5. Het verleden vanaf een ander standpunt.

Dit vind ik altijd zo knap van schrijfsters die historische romans schrijven (Denk aan Susan Smit) Bekijk een historische gebeurtenis en leef je dan in: hebben vrouwen en mannen het zelfde beleefd? Wat kan er gebeurd zijn? Zijn er mensen verloren gegaan, overleden of verhuisd en wat was hun morale weerstand?

  • Zijn er ook ‘leuke’ figuren uit de geschiedenis, die jij van een andere sympathieke kant kunt belichten?
  • Wie was er getuige van een historische gebeurtenis en kun jij het vanuit dat standpunt ook vertellen?
  • Welke achtergronden die wij niet wisten zijn misschien interessant in een ander daglicht?

6. Dialoog

Ga eens lekker in een koffietentje zitten met een notitieboekje of schrift. Even geen telefoon of computer bij je die je kan afleiden. En. Ga. Luisteren. het liefst naar een oplopende discussie, of hoe iemand op een ober reageert, kijk naar buiten en luister naar conversaties. Schrijf gerust mee en vraag je af waar het in hemels naam overgaat.

  • Spreken mensen in een bepaald patroon of hebben ze echt gesprekken?
  • Wat motiveert mensen bijvoorbeeld om te vloeken? of steeds instemmend te knikken?
  • En waar spreken mensen juist niet over en proberen ze door lichaamstaal te verbergen?

7. Help!

Daag jezelf uit. Wat als jouw hoofdpersoon alles kwijt raakt en er een zooitje van maakt. Wat dan? Geef je hoofdpersoon eens een doel en een onverwachts probleem. Wil ze een nieuwe baan en krijgt ze opeens een auto-ongeluk? Of heeft ze een nieuwe liefde en gaat haar vakantie niet door? Verzin maar wat!

  • Welke directe psychische problemen krijgt je hoofdpersoon hierdoor en hoe reageert ze?
  • Welke nieuwe karakters komen daarbij kijken en hoe reageert ze daar op?

Ik heb natuurlijk nog honderden tips van de professionals (lees ze op mijn website) maar dan wordt het een erg lang artikel. Deze wil ik nog wel kwijt: aan het einde van mijn ontmoeting met Sophie Hannah (Lezen! Echt een aanrader!) vertelde ze me dat je het beste in een keer (dat wel een paar maanden kan duren) je verhaal uitschrijft. De eerste 120 pagina’s of te wel het frame work. Dan staat dat er en kun je daarna gaan schaven en schrappen, mooi maken en dingen erbij verzinnen. Heel herkenbaar, ik heb dat ook altijd. Een bijna obsessieve haast om het verhaal op papier te zetten, het belangrijkste schrijf je op en je houdt de vaart in het verhaal. Het framework moet staan als een huis – en ik kan je vertellen, als dat staat, is het een hele opluchting en kun je het mooi gaan maken!

7 schrijftips voor inspiratie!